23-02-2017

Tortellini met pesto en salami



Het is weer eens tijd voor een niet-Aziatisch recept. Dus, vandaag deel ik een recept voor een van de gerechten die ik graag klaarmaak als ik laat thuiskom en er ook een hongerige Partner Elf van de partij is. Het is lekker snel klaar en, oh, wat is gebakken salami toch lekker!

Wat betreft groente wissel ik vaak af en is het afhankelijk van wat we nog in huis hebben wat ik gebruik. Courgette of spinazie smaakt bijvoorbeeld ook goed, maar wij eten het ook wel gewoon zonder extra groenten.

Ingrediënten voor 2 personen:
- 225 g tortellini
- 1 kleine ui
- 40 g pesto
- 100 g salami
- 50 g erwtjes, optioneel
- 1/8 tl peper uit de pepermolen
- klein handje geraspte kaas

  • Snijd de salami in kleine blokjes en snipper de ui.
  • Kook de erwtjes voor ca. 5 min. (als ze uit de diepvries komen, sla anders over) en bak de salami in een droge koekenpan. Voeg zodra er voldoende vet vrijgekomen is de ui toe.
  • Kook in de tussentijd de tortellini in circa 18 minuten gaar met een snufje zout, giet af, maar bewaar een deel van het kookvocht.
  • Voeg als de ui transparant geworden is de pesto en kaas toe. Voeg een paar voorzichtige scheuten kookvocht van de tortellini toe tot er een mooie saus ontstaat.
  • Voeg tot slot de tortellini, gevolgd door de erwtjes, toe aan de pan. Warm nog even mee, voeg de gemalen peper toe en dien vervolgens op.

psssst! extra lekker met een dikke klodder ketchup of extra kaas ;)

18-02-2017

Aardbeien mochi, Ichigo Daifuku いちご大福


Een nieuwe post over een nieuwe variant op mochi! Er zijn erg veel recepten voor verschillende soorten mochi, en ik ben er dan voorlopig ook nog niet over uitgeschreven. Ik postte er eerder al eentje, namelijk Mitarashi Dango.

Daifuku is een heerlijke Japanse snack gemaakt van een deeg van glutinous rijstmeel, aardbeien en rode bonenpasta. Ze worden bestuift met een beetje aardappelzetmeel of tapiocameel zodat ze niet aan elkaar kleven, want deeg van rijstmeel is behoorlijk plakkerig!

Eerlijk is eerlijk, dit recept kan best een beetje een gedoe zijn voor de eerste keer. Toch is het zeker de moeite waard het een poging te wagen! Het verstandigst is om eerst het basisrecept voor mochi onder de knie te krijgen. Een link hiervoor naar een recept op mijn blog heb ik nog niet. Wel heb ik er al een stuk over geschreven dat al lange tijd in de wacht staat. Ik weet het, niet echt handig misschien. Maar! Er zijn genoeg basisrecepten op het internet te vinden, en ik beloof dat ik mijn eigen recept ook in de nabije toekomst zal delen.

Ingrediënten voor 8 stuks:
- 8 niet al te grote aardbeien
- 240 g rode bonenpasta
- 100 g glutinous rijstmeel
- 40 g suiker
- 150 ml water
- 2 el aardappelzetmeel / tapiocameel

  • Was de aardbeien en haal het stronkje eraf. Verdeel de rode bonenpasta in 8 bolletjes van ca. 30 g.
  • Bekleed iedere aardbei met het bonenmengsel, maar laat het puntige kontje vrij.
  • Meng de rijstmeel met het suiker en het water in een magnetron bestendige kom, dek het af met een vel vershoudfolie en zet het voor 2 minuten op 600 watt in de magnetron. Roer het goed door en herhaal het proces, maar nu voor 30 seconden. Laat het afkoelen totdat het een temperatuur heeft dat je het kunt bewerken*.
  • Bedek een werkvlak (en je handen) met wat aardappelzetmeel en leg hier het deeg op. Rol het uit tot een langwerpige platte strook en snijd het in 8 vierkantjes.
  • Leg elke aardbei op een stukje deeg en vouw hem dicht. Rol er een soepele vorm van tussen beide handen.

Rijst met kip en ei, Japanse Oyakodon 親子丼



Oyakodon is een erg populair gerecht voor in de Japanse keuken, en dan bedoel ik gewoon achter het eigen fornhuis. De letterlijke vertaling is 'ouder-en-kind-rijstgerecht'. Die grappige naam is eigenlijk zo gek nog niet, omdat de kip natuurlijk het ei legt. Het wordt echt als comfort food gezien en Japan, en daar sluit ik me graag bij aan. In Japan is de balans tussen zoet en zout erg belangrijk - zoals ik eerder al eens schreef -, en dat komt in dit gerecht wederom goed naar voren.

Oyakodon wordt gemaakt door uien, kip en eieren te garen in een hete bouillon van dashi, sake, sojasaus en mirin. Vervolgens wordt het over rijst geserveerd, waarbij de bouillon er als saus over gegoten wordt. Sommige Japanners zijn niet vies van het ei niet helemaal door te laten garen, en gieten het geheel deels rauw over de hete rijst, waar het dan vervolgens verder door gaart.

Er zijn ook varianten van Oyakodon waarbij er zalm wordt gebruikt, maar het gebruik van kip is (logischerwijs ook gezien de naam) gebruikelijker. Wat wel belangrijk is, is het gebruik van de dashi bouillon. In veel gerechten waarin kippen-/runder-/tuinbouillon gebruikt wordt is het niet uiterst onmogelijk om in een noodgeval de een door de ander te vervangen. Dashi bouillon, daarentegen, heeft een unieke smaak die eigenlijk niet door een andere bouillon te vervangen is. Wellicht (waarschijnlijk zelfs durf ik bijna te zeggen) is dit gerecht ook heerlijk met een andere bouillon, maar de smaak zal zeker niet hetzelfde zijn.

*Dashi is verkrijgbaar in bijna iedere toko, net zoals mirin en sake. Mocht je onzeker zijn naar hoe wat je zoekt eruit ziet, dan is het wellicht verstandig eerst even te googelen op afbeeldingen van het product.

Ingrediënten voor 2 personen:
- 2 kippendijen
- 120 ml dashi (1/4 tl poeder)
- 2 el sojasaus
- 1 tl donkere sojasaus, optioneel
- 2 el sake
- 1 el mirin
- 1 el suiker
- 2-3 eieren
- 1/2 ui, gesnipperd
- 3 el gehakte lente ui
- verse koriander ter garnering
- 2 porties rijst

  • Snijd de kip in dunne plakjes en marineer het tenminste 10 minuten in 1 el sake en een snuf zout.
  • Verhit een pan op hoog vuur en voeg de dashi, sojasaus, andere el sake, mirin en suiker toe. 
  • Voeg als de saus goed heet is de uisnippers en kippendij toe en laat het 6 minuten op middel-hoog vuur pruttelen. Keer halverwege de kip om.
  • Kluts de eieren en snijd de lente ui in schuine ringen.
  • Draai het vuur hoog, strooi de lente ui in de pan en schenk het ei in de hete bouillon. Zorg dat er overal ei zit en dek de pan dan voor 1 minuut af met een deksel, tot ze gestold zijn.
  • Verdeel de inhoud van de pan over 2 kommen met rijst en zorg dat je de bouillon niet vergeet! Maak het af met wat bieslook of koriander.

Daikon soep, Muguk 무국

Ik heb een paar ultieme, favoriete soepen en deze hoort zeker in dat lijstje thuis. Het verbaast me telkens weer dat zo'n simpele soep, zonder bouillon, zo lekker en smaakvol kan zijn.

Daikon is een radijssoort met vele namen, zoals rettich, rammenas, Koreaanse radijs, Japanse radijs, Chinese radijs, witte radijs, lobak, enzovoorts. In Korea wordt de radijs mu genoemd, en gezien deze soep Koreaans is en guk zoveel betekent als soep, zal de naam Muguk je niet veel verbazen. Zoals al te zien is aan de vele benamingen - waar ik er slechts een paar van genoemd heb -, zou de radijs zowel Koreaans, Japans als ook Chinees moeten zijn. Gek genoeg zou het oorspronkelijk ergens in het Oosten van het Middellands Zeegebied vandaan komen.

Elk land heeft wel een paar traditionele gerechten met de radijs en dat is niet gek. De radijs is ontzettend smaakvol en wanneer hij gekookt of gestoomd wordt krijgt het een heerlijke smaak en een zachte structuur. In tegenstelling tot de welbekende rode radijsjes, is daikon minder sterk en peperig van smaak en ook is hij minder waterig. In Nederland gebruikt men het soms om stamppot van te maken. Het kan ook gewokt of aan stoofgerechten toegevoegd worden, maar ook door een salade is erg lekker.

Vandaag deel ik mijn eigen favoriete manier om daikon te gebruiken, namelijk in deze heerlijke soep! Het is een soep die je goed als voorgerecht of bijgerecht kan gebruiken gezien hij vrij licht is. Ook als lunch is het een goede optie. In dit geval is de soep goed voor 3 porties met iets erbij, of 2 porties zonder iets erbij.

Ingrediënten voor 3 porties:
- 200 g daikon
- 4 tl ansjovis vissaus
- 1/2 tl sesamolie
- 100 g varkens-/runderlapjes (1 stuks)
- 1 tl knoflook
- 1 lente uitje, schuine ringen van 1 cm
- 900 ml water

  • Snijd het vlees in dunne plakjes en vervolgens in een breedte van ongeveer 2 1/2 cm. Marineer het vlees in 2 tl vissaus, 1/4 tl sesamolie en een 1/2 tl knoflook.
  • Schil heel licht de buitenkant van de daikon en snijd deze in gelijke plakjes als het vlees.
  • Breng in een ruime pan het water aan de kook en voeg het vlees toe. Schep steeds het schuim weg dat aan het oppervlak ontstaat. Doe de deksel op de pan en laat het zachtjes voor 8 minuten koken.
  • Voeg nu de daikon toe en dek de pan opnieuw voor ca. 12 minuten af.
  • Voeg nu het lente uitje en de overgebleven knoflook en vissaus toe en kook nog eens 2 minuten zonder deksel.
  • Breng de soep op smaak met een snuf zwarte peper en eventueel extra zout.

11-02-2017

Zoete miso broodjes, Amashoku 甘食

Miso krijgt - net als zoveel vroeger-alleen-in-Azië-bekende etenswaren - steeds meer bekendheid in Europa en de rest van het westen. Van miso soep of ramen miso hebben de meeste mensen inmiddels wel gehoord. Ook zijn er steeds meer mensen die sauzen en dressings maken met miso, of hun groenten erin wokken. Toch zal het verbazen dat er ook heerlijke zoete dingen mee te maken zijn. Van al die verschillende zoete recepten deel ik vandaag dit heerlijke miso broodjes recept.

Amashoku is heel makkelijk te maken met vrij simpele ingrediënten. Het is een brood waarbij geen fermentatie aan te pas komt. Ooit was het erg geliefd in Japan, maar tegenwoordig is het er steeds moeilijker te vinden, laat staan buiten Japan. Het zou zo'n 100 jaar geleden voor het eerst gemaakt zijn.

De zoete broodjes hoeven niet bij uitstek met miso gemaakt te zijn, maar de textuur is voor elk broodje hetzelfde. Het zit een beetje tussen koek, cake en brood in. De buitenkant is een klein beetje knapperig, net zoals muffins dat soms hebben, maar de binnenkant is meer zacht en cake-achtig. De smaak is zoet en boterachtig, hoewel er maar heel weinig boter in gaat. De miso geeft een heerlijke zoute smaak die desalniettemin niet overheersend is. In Japan is de balans tussen zout en zoet erg belangrijk, en dat zul je in deze broodjes goed kunnen herkennen.

Er zijn ook amashoku broodjes met verschillende soorten vullingen, maar toch is de simplicity van een eenvoudig amashoku broodje juist wat het zo goed maakt. De traditionele broodjes worden voor ze de oven ingaan aan bovenkant met een ingevet mes ingesneden in de vorm van een kruis. Ze komen dan met een mooie inkerving uit de oven. Als ik de broodjes voor anderen maak wil ik dat ook nog wel eens doen, maar vaak is het een snel go-to recept, dat ik vlug maak. Als ik een zoet miso broodje eet moet ik altijd even zitten om er echt helemaal van kunnen te genieten!

p.s. Ik vind de broodjes zoet genoeg met 165 g suiker, maar doorgaans wordt het broodje met wat meer suiker gemaakt. Afhankelijk van je persoonlijke voorkeur zou ik een hoeveelheid van 165 tot 180 g suiker aanraden.

Ingrediënten voor 10 broodjes: 
- 255 g bloem
- 32 g maizena
- 1 tl bakpoeder
- 1/2 tl baking soda
- 1/4 tl azijn
- 120 ml melk
- 45 g boter
- 170 g suiker
- 60 g miso
- 1 ei


  • Verwarm de oven voor op 250 graden (235 hete lucht).
  • Pak twee kommen. Meng het bloem met de maizena, baking soda en bakpoeder en zeef het zo'n vier keer van de ene naar de andere kom.
  • Meng in een andere kom de miso, het suiker, de melk, de azijn, het ei en de boter goed door elkaar tot een egaal mengsel. Schenk dit bij de bloem en roer ook dit tot een egaal mengsel.
  • Doe het beslag in een spuitzak en spuit 10 hoopjes deeg van ca. 6 cm breed op een bakplaat met bakvel. Ik gebruik twee treden, want er moet genoeg ruimte tussen het deeg zitten als het de oven in gaat.
  • Bak de broodjes in 10 minuten gaar in de oven en laat ze helemaal afkoelen op de bakplaten.

10-02-2017

Krokante tuinbonen snack

Een paar weken terug vond ik mezelf op het station in de vrieskou, aan het wachten op een trein die meer en meer vertraagd werd. Gezien het al 19:00 was, ik nog een uur te reizen had als ik eenmaal in de trein zou zitten en mijn maag toch wel wat aan het rammelen was ging ik op zoek naar een kleine versnapering.

Twee dingen trokken mijn aandacht, namelijk een klein zakje gebakken sojaboontjes en een klein bakje gebakken tuinboontjes. Ik besloot beide te kopen en maakte mezelf wijs dat ik een van de twee zou bewaren voor de volgende dag... Ik was na mijn eerste boontje per direct verslaafd!

Inmiddels koop ik de bootjes niet meer op het station, maar maak ik ze lekker thuis. De eerste keer maakte ik ze in de oven en dat ging prima. De tweede keer probeerde ik het in onze (gewonnen!) Airfryer, en dat vond ik persoonlijk nog lekkerder. Je schijnt ze ook te kunnen frituren, maar hey, het moet wel een beetje verantwoord blijven natuurlijk!

*De gedroogde tuinbonen kun je in sommige reguliere supermarkten krijgen, maar bij een Turkse supermarkt kan het bijna niet missen.


- 100 g gedroogde tuinbonen
- 1 tl olie
- zout en kruiden naar smaak

  • Week de bonen voor een nachtje in ruim koud water. 
  • Doe de bonen de volgende morgen in een pannetje met schoon water en wat zout en kook ze 5 minuten. Laat ze goed uitlekken. 
  • Verwarm de oven/Airfryer op 185 graden. 
  • Pel de velletjes van de bonen en splits de bonen in tweeën. Droog ze helemaal af met een theedoek en hussel ze met de olie, zout en kruiden naar smaak. 
  • Bak de bonen in 15-20 minuten goed krokant. Hussel ze halverwege door elkaar. 

07-02-2017

Koreaanse Rabokki, 라볶이

Rabokki is eigenlijk de som van twee verschillende dingen, namelijk tteokbokki en ramyeon. Tteokbokki is in Korea een populaire street food dish, en is van origine een soort snack. Het bestaat standaard uit rice cakes in een scherpe en heel licht zoete saus met lente ui, gekookte eieren en vaak ook fish cakes. Ramyeon is simpelweg de Koreaanse benaming voor instant noodles, een term die inmiddels ook in Nederland weinig uitleg meer behoeft. Die twee gerechten - waarvan tteokbokki dus de basis is - bij elkaar maken Rabokki.

Op tteokbokki zijn sinds de oorsprong ervan meerdere varianten ontstaan. Zo is er inmiddels een tteokbokki carbonara: een combinatie van de rice cakes met carbonara saus op z'n koreaans. Deze is in tegenstelling tot de originele tteokbokki dan ook wit van kleur door de roomsaus. Ook is de variant op tteokbokki met een flinke lading gesmolten kaas erg populair in Korea. (Zie bijvoorbeeld instagram voor foto's)

Ik deel vandaag mijn eigen variant op tteokbokki > rabokki. Om er een complete maaltijd van te maken heb ik er in dit recept voor gekozen noedels toe te voegen. De hoeveelheid noedels voor twee personen lijkt weinig, maar vergeet niet dat de rice cakes ook als bron van koolhydraten gelden! Omdat Koreaans spicy eten goed samengaat met varkenvlees, en dan met name spek, gaan er door deze rabokki uitgebakken spekjes. Alle ingrediënten bij elkaar gaan heel goed samen en zijn, ondanks in contrast, ook in balans met elkaar. De rice cakes zijn heerlijk zacht om in te bijten, dus als je ook nog eens van chewy houdt, is dit Koreaanse gerecht zeker de moeite waard om eens te proberen!

>De ingrediënten klinken de meesten misschien onbekend in de oren, maar laat je daar niet door afschrikken! Het zijn stuk voor stuk ingrediënten die in alle toko's makkelijk te krijgen zijn. Een tip is om eerst even op internet te kijken hoe wat je zoekt eruit ziet. Ik kan natuurlijk ook zeggen dat je het altijd even kunt vragen aan de medewerkers, maar ervaring leert dat in sommige toko's als niet begrepen wordt wat je bedoel, je al snel het antwoord: "hebben we niet" krijgt, ook al staat het geen je zoekt op een halve meter afstand. Gelukkig kan het met een beetje eigen effort niet misgaan!

Ingrediënten voor 2 personen:
- 325 ml water
- 1 bolle tl dashi poeder
- 185 g rice cakes*
- 80 g ramen
- 125 g spekjes
- 2 stengels lente ui
- 45 g gochujang
- 1 1/2 tl gochugaru
- 1 1/2 tl suiker
- 2 hardgekookte eieren

  • Bak de spekjes krokant in een droge koekenpan. Haal uit de pan en zet opzij.
  • Kook de eieren in een andere pan, laat ze schrikken en pel ze. Snijd ondertussen ook de lente ui in schuine ringen van ca. 1 cm.
  • Warm het water op in een ruime pan samen met de dashi en voeg vervolgens de gochujang, gochugaru, de suiker, lente ui en gekookte eieren toe. Roer goed door, voeg de rice cakes toe, roer nog eens goed door en laat 5 minuten goed doorwarmen met de deksel op de pan.
  • Voeg na 5 minuten de ramen toe aan de pan, dek opnieuw af en laat het geheel nog eens vijf minuten staan.
  • Als het goed is zijn de rice cakes nu mooi zacht en heeft de 'saus' een mooie dikte. Roer tot slot de spekjes door de pan en dien op.


*Rice cakes vind je in de koeling of vriezer in de toko. Zorg dat je ze voor gebruik laat ontdooien, bijvoorbeeld door ze 30 minuten in water te leggen. Je kunt ze ook zelf maken, deze zijn vaak wat verser, dus zachter en hebben dus minder tijd nodig om hun hardheid te verliezen.